De vraag “wie betaalt wat” verlamt veel VME-trajecten. Mede-eigenaars zonder EV willen niet bijdragen aan infrastructuur die ze niet gebruiken. EV-rijders willen geen oneerlijke meerprijs betalen omdat ze als eersten investeren. Vier modellen die we in de praktijk zien werken.
Model 1: gebruikersfinanciering (de meest gehanteerde)
Alleen mede-eigenaars die effectief een laadpunt willen, betalen de bijbehorende kost. De gedeelde infrastructuur (hoofdkabel, verdeelkast, eventueel platformkost) wordt verdeeld over alle deelnemers — niet over de hele VME. Voordeel: eerlijk en juridisch zuiver. Nadeel: eerste deelnemers betalen verhoudingsgewijs meer (omdat infrastructuur over weinig schouders verdeeld is).
Model 2: VME-financiering met individuele afrekening
De VME draagt de infrastructuurkost (uit reservekapitaal of via projectheffing). Elke gebruiker betaalt enkel zijn werkelijk verbruik via individuele meting. Voordeel: instapdrempel verdwijnt, geen “first mover penalty”. Nadeel: vraagt voldoende meerderheid (typisch 4/5) want raakt aan kosten van niet-gebruikers.
Model 3: derde-partij financiering
Een externe partij (sommige energieleveranciers, gespecialiseerde laad-CPO’s) financiert en exploiteert de infrastructuur tegen een gebruiksvergoeding per kWh. VME betaalt niets vooraf, gebruikers betalen lichtjes verhoogd tarief gedurende contractperiode (typisch 10–15 jaar). Voordeel: nul-investering. Nadeel: hoger kWh-tarief en contractuele binding.
Model 4: hybride
Combinatie waarbij de VME de hoofdinfrastructuur financiert (kabels, verdeelkast) als gedeelde meerwaarde, en gebruikers hun eigen paal en aansluitingsstuk betalen. Vaak het pragmatische compromis bij verdeelde meningen op AV.
Wat het Burgerlijk Wetboek hierover zegt
Sinds de wetswijziging van 2018 (en aanvullingen 2024) heeft elke mede-eigenaar het recht op installatie van een laadpaal voor eigen rekening, mits de syndicus en VME geïnformeerd worden. De VME mag dit recht niet weigeren, alleen redelijke voorwaarden opleggen rond technische uitvoering. Dat versterkt de positie van EV-rijders maar lost de financieringsvraag niet op.
Wat je vooraf vastlegt
Drie zaken in het beheercontract of huishoudelijk reglement:
- Wie is eigenaar van welke component? (Hoofdinfrastructuur = VME, individuele paal = mede-eigenaar.)
- Wat gebeurt er bij verkoop van een appartement? (Paal blijft meestal staan en wordt overgenomen.)
- Hoe wordt het tarief jaarlijks geïndexeerd? (Volgens leveranciersprijs of vast.)
Lees ook
- Laadinfrastructuur in een appartementsgebouw: het beslissingsproces in een VME stap voor stap
- Individuele afrekening per appartement: hoe werkt het technisch én administratief?
- Wallonië, Vlaanderen, Brussel: regionale laadpremies in 2026 vergeleken
Hulp nodig om dit voor uw VME uit te werken? Plan een gesprek — wij denken mee zonder verkoopdruk en leveren een juridisch en technisch onderbouwd voorstel.